9 maart 2010
De bioloog en de radio
Geplaatst door bart in: biochemie
Vandaag iets dat al veel eerder op Bioblog had moeten staan: het essay Can a biologist fix a radio?, van apoptose-onderzoeker Yuri Lazebnik. Hij vroeg zich af of biologen wel op de juiste manier naar hun materie kijken, en onderzoekt dat door de biologische aanpak los te laten op een probleem waarvan de oplossing al bekend is: een kapotte radio.
First, we would secure funds to obtain a large supply of identical functioning radios in
order to dissect and compare them to the one that is broken. We would eventually find how to open the radios and will find objects of various shape, color, and size. We would describe and classify them into families according to their appearance. We would describe a family of square metal objects, a family of round brightly colored objects with two legs, round-shaped objects with three legs and so on.
Because the objects would vary in color, we will investigate whether changing the colors affects the radio’s performance. Although changing the colors would have only attenuating effects (the music is still playing but a trained ear of some people can discern some distortion), this approach will produce many publications and result in a lively debate.
Kortom: vermoedelijk doen we het verkeerd. Het wordt tijd voor een formelere, ingenieur-achtige benadering van de materie, vindt Lazebnik. En volgens mij heeft hij gelijk. Misschien zijn biologen gewoon niet slim genoeg voor biologie.
Advertentie
2 reacties
Scaut Says:
5 april 2010 at 23:16.
Ik vindt het wel een hele slechte analogie. Hij wil het medisch biologische werk (fix het zieke beest) opknappen via een taxonomisch onderzoek (wat zijn dit voor onderdelen)? Als tie niets van biologie snapt dan moet hij maar gewoon zijn mond houden met zijn kritiek op de “biologische aanpak”.
Piet Says:
1 juni 2010 at 07:46.
I agree. De meeste vakgebieden zijn allang verder dan slechts beschrijven van wat je ziet. True, kanker onderzoek loopt meestal voorop, maar dat is niet in de laatste plaats omdat kanker cellen zo lekker groeien en er dus altijd voldoende is om onderzoek naar te doen.
Toegegeven, er wordt te vaak gepubliceerd over weinig interessante details (wat dat betreft verschilt kanker onderzoek niet veel van hart- en stamcelonderzoek), maar 1. elk detail kan later waardevol blijken om de link te maken tussen twee ogenschijnlijk onafhankelijke processen en 2. je kunt, zoals je op PubMed kunt zien aan de publicaties van Lazebnik zelf, nou eenmaal niet alleen maar baanbrekend onderzoek doen en publiceren in Nature. Soms moet je je CV wat pimpen met lagere impact journals. Indien nodig met wat resultaten van een student die zes maanden stage liep. En dus publiceer je af en toe wat over de kleur van een weerstandje.
Last but not least: hij komt in z’n stuk wel met problemen, maar niet met oplossingen, other than:”However, I hope that it is only a question of time before a user-friendly and
flexible formal language will be taught to biology students, as it is taught to engineers, as a basic requirement for their future studies.” Die flexible formal language heb ik al geleerd hoor (bij celbiologie, genetica, zoologie, need I go on?)
(en nu maar hopen dat meneer Lazebnik zich aangesproken voelt en op Bioblog komt reageren)