24 mei 2008

Ik zag twee eendjes

Geplaatst door iknik in: ethologie

Op donderdag 5 juni is het alweer voor de twaalfde keer ‘dode eend dag’ in Rotterdam. Voor de niet-ingewijden is een stukje context misschien wel handig.

Op 5 juni 1995 vloog een wilde eend (Anas platyrhynchos) zich te pletter tegen de gevel van het Natuurhistorisch Museum in Rotterdam. Wat een tragische dag was voor de arme vogel, was een heuglijke dag voor de wetenschap. Museumconservator Kees Moeliker was namelijk getuige van het ongeval, en van de gebeurtenissen die er op volgden. De ongelukkige mannetjeseend had de gevel van het museum geramd omdat hij achtervolgd werd door een ander mannetje. In plaats van de achtervolging te staken en weer om brood te gaan bedelen bij de oude vrouwtjes in het park, besteeg die het dode slachtoffer en verkrachtte hij hem vijf kwartier lang.

Mannetjeseenden zijn op zich vrij oversekst. Zo komen groepsverkrachtingen regelmatig voor. Omdat eendjes voeren een nationale sport is, hoeven de beesten vrijwel niet naar voedsel te zoeken. Iedereen weet dat een kerel die zich niet druk hoeft te maken om eten, nog maar twee drijfveren heeft. En je kunt nu eenmaal niet 24 uur per dag slapen. Mannetjeseenden storten zich eens in de zoveel tijd met z’n vieren, vijven, of nog meer op een vrouwtje. Eenden paren in het water, dus de vrouwtjes willen nog wel eens verzuipen terwijl ze verkracht worden. En mannetjes houden er ook geen rekening mee als mevrouw een cluster piepjonge kuikens bij zich heeft.

De psycholoog W.H. Blanchard beschreef in 1959 de groepsprocessen tijdens menselijke gang bangs. Hij opperde dat de bijna erotische verering van de leider van de groep wel eens een belangrijke rol zou kunnen spelen bij dat proces1. Oftewel: groepsverkrachters zijn latente homo’s. Dat maakt de gebeurtenissen van 5 juni 1995 misschien iets begrijpelijker. In ieder geval schreef Moeliker alles op wat hij zag. In 2001 publiceerde hij de eerste wetenschappelijke beschrijving van homofiel, necrofiel gedrag in de wilde eend (pdf). In 2003 ontving hij de IgNobel-prijs voor biologie.

Sinds 1997 viert een aantal medewerkers van het Natuurhistorisch Museum in Rotterdam ‘Dode eend dag’. Tot nu toe deden ze dat in stilte, maar op 5 juni 2008 is het publiek welkom. Om 17.55 uur (het tijdstip waarop de eend het leven liet) zal Kees Moeliker de inmiddels opgezette vogel uit het museum halen en enkele woorden spreken ter nagedachtenis aan het dier. Wie de herdenking van de wetenschappelijke mijlpaal niet wil missen, kan hier klikken voor meer informatie.

[1] Het oorspronkelijke artikel is niet te vinden, maar het wordt kort besproken in een artikel van Karen Franklin (pdf).

Advertentie

Plaats een reactie (login/registreer)